1. ALFA ROMEO

    ALFA ROMEO - TIPO 33/2 DAYTONA COUPÉ Meer informatie

    1968

De verbeteringen aan de Alfra Romeo Tipo 33, die na het weinig succesvolle eerste seizoen worden doorgevoerd, werpen vruchten af. De auto, nu 33/2 genoemd, heeft onder meer een versterkte voorwielophanging gekregen en een grotere spoorbreedte.

Tijdens de 24-uursrace van Daytona in 1968 behalen de Tipo 33/2’s de eerste plaats in de tweeliterklasse, vandaar de naam ‘Daytona’. Goede resultaten worden datzelfde jaar eveneens behaald in de Targa Florio en op Le Mans. De Tipo 33 die in de Targa Florio als vijfde finisht, is van een privé-renstal en wordt gereden door de Nederlander Rob Slotemaker en de Belg Teddy Pilette.

In de 500 Kilometer van Imola worden Vaccarella en Zeccoli eerste overall. Nino Vaccarella is trouwens een vrijetijdsracer. In het dagelijks leven is hij schoolmeester.

De Tipo 33 wordt steeds verder ontwikkeld. In 1969 komt er een drieliterversie, de 33/3. Met dit type wordt Gijs van Lennep tweede in de Targa Florio van 1971.

In 1977 gaat Alfa Romeo zich op de Formule 1 concentreren, hetgeen het einde voor de Tipo 33 inluidt. De Tipo 33, nu met een twaalfcilinder, behaalt dat jaar zeven overwinningen in acht races. Een mooi afscheid voor een legendarische raceauto.