1. VOLKSWAGEN

    'BEETLE' DE LUXE Meer informatie

    1951

Dit vroege type van de Volkswagen Kever heeft nog de kenmerkende dubbele achterruit, in de wandelgangen het ‘brilletje’ genoemd. In 1953 wordt het vervangen door een ovale ruit, weer later door een groot rechthoekig exemplaar. Voor het overige blijft de auto vrijwel ongewijzigd; de onderdelen zijn vele jaargangen lang uitwisselbaar. Dat, plus de relatieve onverwoestbaarheid, zijn belangrijke punten die bijdragen aan de enorme populariteit van de Kever. Op het moment dat de productie in 2003 stopt, is de Kever met ruim 22 miljoen exemplaren de meest geproduceerde auto aller tijden.

De onverwoestbaarheid is te danken aan het feit dat de Kever al vóór en tijdens de Tweede Wereldoorlog uitgebreid is getest in moeilijke omstandigheden. De auto wordt in verschillende uitvoeringen gebruikt voor militaire doeleinden. De compacte, luchtgekoelde viercilinder boxermotor achterin bewijst zowel in lage als in hoge temperaturen zijn waarde, omdat hij noch vastvriest, noch oververhit raakt.

De ‘auto voor het volk’ wordt in opdracht van Adolf Hitler door Ferdinand Porsche ontwikkeld. Er zijn echter inmiddels sterke aanwijzingen dat het niet Porsche was, maar de joodse ingenieur en auto-ontwerper Josef Ganz. Kort na het begin van de Tweede Wereldoorlog vlucht Ganz uit Duitsland naar Zwitserland.

Na de oorlog zorgen de geallieerden ervoor dat de Kever zijn weg vindt naar de consument. Nederland wordt in 1947 het eerste exportland voor Volkswagen. In 1955 rolt het miljoenste exemplaar van de band.